Steeds meer professionele wielrenners, maar ook enthousiaste amateurs en recreanten, trainen tegenwoordig met een vermogensmeter. Wielrencoach Bastiaan Gruppen is een groot voorstander van deze technologie en ziet het als de sleutel tot betere prestaties. In deze blog legt hij uit hoe je met een powermeter meer resultaat behaalt dan met een set carbon wielen.
Tekst door Bastiaan Gruppen & Cobbles Cycling

1. Is een vermogensmeter is iets voor mij?
Steeds meer fietsers kiezen voor een powermeter op de fiets. Dat is ook wel logisch, want er zijn veel redenen te verzinnen om en voor een te kiezen. Een vermogensmeter is bijvoorbeeld ideaal als je:
- Wedstrijden rijdt
- Prestatiegericht bent
- Het meeste uit jezelf en je trainingen wil halen
- Gek bent op cijfers en het analyseren daarvan
- Jij je wilt vergelijken met professionele wielrenners en fietsvrienden
2. Voordelen vermogensmeter t.o.v. een hartslagmeter
Een hartslagmeter zegt wat over je inspanningsniveau, maar vermogen geeft veel duidelijkere data. Je vermogen reageert namelijk onmiddellijk, waardoor je korte blokken effectiever kunt uitvoeren. Het hart heeft wat meer tijd nodig om omhoog te gaan als jij aan een intervalblokje begint.
Je vermogen ‘liegt’ ook niet. Als 250 watt trapt, geeft de vermogensmeter dit door. Je hartslag daarentegen is afhankelijk van stress, vermoeidheid, nachtrust, temperatuur, cafeïne-inname, etc. Snelheid of gemiddelde snelheid vertelt ook niet het hele verhaal. Vermogen is namelijk niet afhankelijk van weersomstandigheden, temperatuur en parcours.
De data die je binnenhaalt met je vermogensmeter kun je gebruiken om beter te worden. Je kunt bijvoorbeeld:
- Vanuit je trainingen goed analyseren wat je sterke/zwakke punten zijn en je trainingsschema daarop aanpassen
- Heel specifiek trainen op dat onderdeel waar je beter in wilt worden en gedurende de tijd analyseren of je vooruitgang boekt en daar trainingen op aanpassen
- Vooral tijdens tijdritten, lange beklimmingen en cyclo’s een vooraf bepaald vermogen kiezen zodat je niet te snel of te traag weggaat

3. Vermogenszones & trainingsadviezen
3.1 Vermogenszones
Net als bij trainen op hartslag, gebruiken we bij trainen op vermogen verschillende ‘zones’. Er bestaan diverse modellen van vermogenszones die allemaal goed zijn, als je dit op de juiste manier gebruikt. Zelf gebruik ik de onderstaande vermogenszones + richtlijnen van minimale intervallengtes. Deze gaan uit van ‘FTP’. Dit staat voor ‘functional threshold power’, ook wel anaerobe drempelvermogen. Dit is het vermogen dat je een uur kunt volhouden.

Gebruik bovenstaande minimale intervallengten om de effecten op de desbetreffende energiesystemen te maximaliseren. In het kort, prikkel je de volgende systemen in de verschillende zone.
- Endurance (rustige duurtraining): vetverbranding en toename+vergroting van ‘mitochondriën’ (cellen die verantwoordelijk zijn voor de energieproductie, waardoor je zuurstofvoorziening verbetert).
- Tempo: koolhydraatverbranding
- Sweet Spot + Treshold: verhogen van de anaerobe drempel
- Vo2max: verhogen Vo2max en versnelde lactataatafbreking. Je Vo2max-waarde is het maximale vermogen wat je 6 minuten lang kunt volhouden.
3.2 Spelen met intervallen
Verleng de rustperioden en/of verkort de intervallen als je de langere intervallen met weinig rust niet aankan.
Bijvoorbeeld: als je een goede Treshold training wilt doen moet je intervallen van minimaal 10 minuten uitvoeren. Je kunt ook meerdere kortere intervallen van bijvoorbeeld 6-8 minuten uitvoeren hoger in de Thresholdzone (94 – 105% van je FTP) en met slechts korte rustperioden van 2 minuten, waardoor je hartslag hoog blijft en je je Treshholdzone ook zeer effectief traint.
Wil je variëren met bovenstaande richtlijnen? Gebruik dan ook eens kortere intervallen met een hogere intensiteit en tevens kortere rustpauzes. Bijvoorbeeld 20 keer 1 minuut op 95-100% van je 5-minutenwaarde en 1 minuut rust op 50% van je FTP.




