De duurzaamheidsfilosofie van Woolpan

Ruben Wattel | 19 september 2022

Fraai. Praktisch. Strak afgewerkt. Wil ik hebben. Het zijn enkele van de eerste indrukken en gedachten als je in de webwinkel van FuturumShop rondneust bij Woolpan. Pants, T-Shirts, shirts met lange mouwen en warme hoodies – het merk biedt van alles om te dragen in de vrije tijd. Kijk je wat verder, dan valt het oog vanzelf op het prijskaartje, en dan is het voor menigeen even schrikken: 279 euro voor een hoodie. Is die op het eerste gezicht hoge prijs verklaarbaar of betaal je gewoonweg te veel? Tijd om dat eens goed te onderzoeken.

Tekst: Rik Booltink

Woolpan – de naam zegt waarschijnlijk meer dan genoeg – is gemaakt van wol. Van merinowol welteverstaan. Dat heeft een aantal niet mis te verstane voordelen. In de eerste plaats is er het draagcomfort. De dunne, fijne wolvezels voelen heerlijk zacht op de huid aan. Gekriebel en irritaties blijven uit. Er is bovendien geen materiaal dat beter in staat is om je lichaamstemperatuur te reguleren. Zo’n hoodie is daarmee prettig om aan te hebben na bijvoorbeeld een toertocht of bij het afsluitende kampvuur van een gravelevent in de avondschemer. En dan is er nog het zelfreinigend vermogen: laat de kleding gewoon even luchten aan de waslijn, en de volgende ochtend is die weer geurvrij. Dat komt doordat de wolvezels lanoline bevatten. Je hoeft de wasmachine dus niet speciaal aan te slingeren om de hoodie fris te laten ruiken. Tel daarbij op dat merinowol 100 procent biologisch afbreekbaar is in de natuur en je weet dat je echt iets duurzaams om je lijf hebt. Het contrast met synthetische kleding is levensgroot. Meer weten over merinowol? Lees dan onze blog over de voordelen van merinowol. Stel je eens voor wat het milieueffect is van kleine, synthetische vezeldelen die keer op keer loskomen in de wastrommel en met het afvalwater wegspoelen. Overschrijd je daarmee niet een ethische grens?

Merinoschapen (Nieuw-Zeeland)

We horen en lezen tegenwoordig veel over het gebruik van merinowol in kleding. Maar pas op, de ene merinowol is de andere niet. Ga dus niet voor de eerste de beste kleding met merinowol, maar verdiep je in de herkomst. Zo is dat ook gedaan bij Woolpan. En wat blijkt: het merk kiest voor de Rolls Royce onder de soorten merinowol, afkomstig uit Nieuw-Zeeland, daar waar het warme klimaat optimaal is voor merinoschapen. De wolvezels zijn zodoende een factor vier dunner dan de wol van de meeste (merino)schapenrassen in andere landen. Dat merk je aan het draagcomfort. En ja, ook aan de prijs. Maar Woolpan doet nou eenmaal geen concessies.


De hoge kwaliteit van de Nieuw-Zeelandse wol is ook te danken aan de prima omstandigheden waaronder de merinoschapen gedijen. De dieren worden op humane wijze behandeld, het wereldwijd fel bekritiseerde mulesing blijft achterwege. De schapen grazen vrij op de uitgestrekte vlaktes rond de boerderijen, worden goed gevoed en ondergaan regelmatig medische checks om te monitoren hoe het met de gezondheid is gesteld. We horen je denken: dit zou toch vanzelfsprekend moeten zijn? Volkomen mee eens, maar de realiteit is anders, helaas.


Als mindere leefomstandigheden eerder regel dan uitzondering zijn, hoe kan Woolpan dan garanderen dat hun wol leverende schapen niet lijden? Wat blijkt: het merk heeft zicht op en controle over de gehele keten. Er is zelfs rechtstreeks contact met de boerderijen. Bijvoorbeeld met Hurstlea Station in de vallei van Hakataramea in Zuid-Canterbury. De familie Haugh runt de boerderij al sinds 1947. Ook Stonehenge Farm in Ranfurly is een gewaardeerde leverancier van merino. De meer dan een eeuw oude boerderij is vandaag de dag in handen van Andrew en Francine Hore. Andrew maakte voorheen furore in het Nieuw-Zeelandse rugby en weet als geen ander hoe belangrijk het voor een sporter is om kwaliteitskleding te dragen. Dit zijn slechts twee voorbeelden. Ook alle andere leverende boerderijen werken volgens de hoogste standaarden. Ze hebben allemaal het ZQ-certificaat dat goed dierenwelzijn garandeert.  


Wat als je die controle over de toeleveringsketen niet zou hebben? Ook dan kun je als kledingfabrikant aan merinowol komen, geen enkel probleem zelfs, alleen is in vrijwel alle gevallen onmogelijk te traceren waar die vandaan komt en onder welke omstandigheden de schapen aldaar leven. De ‘bedenkelijke’ wol wordt vaak op algemene veilingen in Azië verhandeld waarna deze op transport naar Europa gaat. De prijs van deze wol mag dan een stuk lager zijn, als kledingmerk en consument wil je toch uitsluiten dat schapen mogelijk geleden hebben? In de eerste plaats voor de dieren zelf, in de tweede plaats omdat dat erbarmelijke leefomstandigheden de wolkwaliteit om zeep helpen. Slechte gezondheid en stress bij schapen leiden bijvoorbeeld tot ongelijke vezeldiameters en zwakke plekken. Dat zie je geheid terug in de kledingprestaties. De ZQ-certificering en zo nu en dan persoonlijk contact nemen alle onzekerheid, twijfels en onduidelijkheid weg.

De Nieuw-Zeelandse merinoschapen van Woolpan worden met de hand geschoren. Meestal één keer per jaar, in het vroege voorjaar, want dan hebben de schapen nog hun wollige vacht van de wintermaanden. De scheerbeurt zorgt er meteen voor dat de schapen comfortabel de zomer tegemoet treden en geen zware vacht met zich mee hoeven te torsen. Het scheren is een vak apart, een ambacht waarop de Nieuw-Zeelanders maar wat trots zijn. Net zo’n vak apart is de kwaliteitscontrole van de wol. Elke pluk wolvacht wordt met de hand vastgepakt en minutieus gecontroleerd om ervoor te zorgen dat de vezelkwaliteit in lijn is met de hoge kwaliteitsstandaard die Woolpan verlangt. Pas daarna gaat de wol op transport. Ook hier geen genoegen met minder, maar ja, het handwerk is niet de goedkoopste oplossing. Meer weten over ZQ-Merino? Check dan deze blog over de duurzame en ethische manier van werken van ZQ-merino.

Van ruwe wol tot stof (Italië)

In Italië volgt nóg een controle van de ruwe wol. Alleen de meest verfijnde wol blijft over om shirts, broeken en hoodies van te maken. De wol wordt gekamd en gesorteerd. Daarna brengt de wol een bezoek aan de verfafdeling, waar die zijn eerste kleur krijgt. De wol wordt te drogen gelegd en gaat dan door naar de spinafdeling. Hier worden de woltoppen tot een lang, fijn garen gesponnen. De garens komen samen in de twijnafdeling voor verdere bewerking. Dat is noodzakelijk, want een enkele draad is nog niet sterk genoeg voor gebruik. Bij het twijnen draaien specialisten de draden ineen. Pas in de weeffase hierna ontstaat er een lap stof. Die wordt netjes afgewerkt, zodat er een mooi uitziende, stabiele en bovenal zachte stof tot stand komt. En het mooie is: bij de lap stof is nog altijd precies te traceren waar de gebruikte wol is gewonnen. Italiaanse finesse.
Het zal je niet verwonderen: ook in dit deel van het productieproces is er sterke focus op duurzaamheid. Er wordt bij alle stappen hernieuwbare energie benut en het watergebruik ligt zo laag mogelijk. Het machinepark is de modernste in zijn soort, waardoor de kwaliteit gewaarborgd blijft. De Woolpan-kleding blijft zo langer mooi en gaat langer mee. Ook dat is uiteraard duurzaam. Stel je voor dat je om de haverklap nieuwe kleding moet aanschaffen. Goedkoop is duurkoop, nietwaar? Meer informatie over het ontstaan van en de manier van werken van Woolpan lees je in deze blog over Woolpan.

Kleding krijgt z’n vorm (Portugal)

Een rol stof is natuurlijk nog geen kleding. In Portugal snijden kledingspecialisten de panelen op maat en maken ze er shirts, broeken en hoodies van. Ook hier volgt men een duurzame koers. Bij het snijden blijft er niet of nauwelijks reststof over. En hetgeen wel overblijft, krijgt alsnog een bestemming. Waterverbruik wordt tot een minimum beperkt en de benodigde energie komt grotendeels van zonnepanelen. Bij een kwaliteitscontrole checken de toegewijde medewerkers de kleding nog één keer handmatig. Gaan de duimen omhoog, dan wordt deze ingepakt. Absoluut niet in plastic, zoals je op zoveel plekken helaas nog ziet, maar in onbedrukte enveloppen van papier. De verplichte informatie staat beschreven op meegeleverde papieren labels. Ze zijn voorzien van eco-lijm. En de print? Die is van inkt op waterbasis. Had dit alles goedkoper gekund? Vast en zeker, maar de productie van kleding in lageloonlanden en gebruik van niet-duurzame materialen zag Woolpan absoluut niet zitten. Woolpan laat zien hoe het anders kan – of misschien wel moet. Maar ja, dat alles heeft wel een prijs.

Endless

De duurzaamheidsfilosofie achter Woolpan heeft nóg een dimensie: als je na een jaar of drie, vier, vijf bent uitgekeken op de kleding, mag je die kosteloos terugsturen naar FuturumShop. De geretourneerde kleding draait dan mee in het Endless-programma. Via Apeldoorn gaat de kleding terug naar de fabrikant, waar de merinowol teruggewonnen wordt. Vervolgens wordt die gebruikt voor nieuwe producten, bijvoorbeeld voor de isolerende vulling van een bodywarmer of de liner van een jas. Technisch gezien is dat prima te doen, aangezien de kleding volledig van merinowol is gemaakt en er geen lastig te scheiden synthetische vezels zijn toegepast. Dit alles bespaart grondstoffen, wat goed is voor de planeet en het milieu. Om het Endless-concept te laten slagen is medewerking van Woolpan-bezitters een belangrijke, zij moeten de kleding immers retourneren. Als duwtje in de rug biedt Woolpan na retour een kortingscode van 10 procent op de volgende Woolpan-aankoop. De hoge kwaliteit van de hoodie die eerst zo kostbaar leek, wordt daarmee een stuk bereikbaarder. Wil je hier meer over weten? Lees dan de blog over Woolpan Endless.