Wat is de juiste bandenspanning? Team Jumbo-Visma helpt je op weg!

Ruben Wattel | 12 juli 2021

Als je fietst wil je zo min mogelijk weerstand hebben. Daarom zoeken veel fietsers naar mogelijkheden om zo aerodynamisch mogelijk te zijn en materiaal steeds lichter van gewicht te maken. Toch is er nog een plek waar veel winst te behalen is: je bandenspanning.

FuturumShop is official supplier van Team Jumbo-Visma. Kies net als deze ploeg voor BBB Cycling fietspompen en tools.

Naast luchtweerstand en zwaartekracht is de rolweerstand ook een kracht die je weerstand biedt. Vroeger werd er gedacht dat je zoveel mogelijk druk in de band moest doen, want een zachte band kon nooit snel rollen. Toch blijkt dat helemaal niet waar te zijn. Als je uitsluitend op zeer glad asfalt of op een wielerbaan fietst, kun je de banden inderdaad het beste flink hard zetten met 8 bar of meer. Zodra de weg echter iets minder glad is, gaat een te harde band ‘stuiteren’. Daarmee verlies je veel voorwaartse snelheid. Hoe harder een band, hoe groter de kans op lekrijden ook is.

Wat is BAR en PSI?

De druk in een band wordt gemeten in BAR of PSI. De druk op aarde is ongeveer 1 bar. PSI staat voor ‘Pound-force per square inch’ en is dus een andere manier van meten. Ter vergelijking: 1 bar druk staat gelijk aan 14,5 psi.

Welke druk moet er in mijn banden?

Om te bepalen welke druk er in je banden moet, dien je rekening te houden met een aantal factoren: de bandbreedte, je gewicht en de ondergrond waarop je gaat rijden. Hoe minder druk je in de band doet, hoe groter het contactoppervlak met de weg is. Als dat contactoppervlak groter wordt, heb je meer grip. Ook staat er op de zijkant van de band vaak geschreven wat de minimale en maximale druk is die in een band kan.

Voor bandendruk kun je drie stelregels aanhouden:
1. Hoe breder de band, hoe minder druk je er in hoeft te doen.
2. Een zwaardere fietser moet meer druk in de band doen dan een lichte renner
3. Hoe slechter het wegdek, hoe lager de druk mag zijn.

Wat gebruiken de profs?

De renners van Team Jumbo-Visma hebben allemaal een eigen, favoriete bandendruk. Velen houden het graag voor zichzelf, om de concurrentie niet wijzer te maken. Het is wel duidelijk dat renners een veel minder hoge druk gebruiken dan vroeger. Toen was het niet gek om tot 12 bar in de banden te hebben. Nu zie je vaker een druk van rond de 6-7 bar, afhankelijk van de ondergrond waarop gereden wordt. Als er kasseien in het parkoers liggen, gaat de druk nog flink omlaag.

Racefietsbanden

De meeste racefietsen hebben een bandbreedte van 25mm. Daarbij kun je aanhouden dat de druk in je banden ongeveer 10% is van je gewicht. Weeg je bijvoorbeeld 70 kilo, dan is een druk van maximaal 7 bar een mooi uitgangspunt. Als je bredere banden gebruikt, kan die druk lager. Heb je bijvoorbeeld 28mm banden, dan is een kleine 6 bar voldoende.

Sem Versteeg, mechanieker bij Team Jumbo-Visma heeft daarnaast nog een handige tip:

“Probeer ook eens uit welke bandendruk je fijn vindt, speel ermee. Als het regent of als het wegdek nat is, verlaag dan de druk met 0,3 tot 0,5 bar. Je zult merken dat dat je grip vergroot.”

Fietspomp met drukmeter

Om nauwkeurig te kunnen bepalen hoeveel druk er in de banden zit, gebruik je een fietspomp met drukmeter. Deze heeft een meter waarop je kunt aflezen van de druk is. Een goed voorbeeld daarvan is de BBB Cycling AirSteel BFP-27 Vloerpomp. Deze heeft een vrij grote luchtkamer, waardoor je een band snel hebt opgepompt. Je kunt een maximale druk van 11 bar bereiken, ruim voldoende voor zelfs baanfietsen.

Lees verder