Sterk staaltje techniek | FuturumMag.23

Ruben Wattel | 16 oktober 2023

Mountainbiken is zowel een fysieke als technische uitdaging. De laatste jaren is dat alleen maar toegenomen, met lastige parcoursen in wedstrijden en de wens van veel mountainbikers om juist de meer pittige trails te bedwingen. Wil je gemakkelijk mee kunnen komen met je offroad fietsmaten én sneller worden, dan heeft training van de rijtechniek absoluut meerwaarde. Met de juiste techniek bedwing je elke trail moeiteloos en snel.

Tekst en fotografie: Irmo Keizer

Je mountainbike op orde
De fiets en setup waarmee je rijdt hebben weliswaar minder grote invloed op de performance dan jouw stuur- en rijgedrag, maar goed materiaal is natuurlijk wel een basisvereiste. Nog te vaak rijden mountainbikers met een slecht functionerende of verkeerd afgestelde vering of een te hoge bandendruk. Sommigen laten de dropper achterwege om gewicht te besparen, terwijl die winst teniet wordt gedaan in de eerste de beste afdaling.

Met de juiste bandendruk heb je niet alleen meer grip, maar ook minder rolweerstand. Je bespaart dus energie, waardoor je sneller bent. Dankzij een goede veerwerking houdt je fiets optimaal contact met de ondergrond, wat de efficiëntie in zowel de klim als afdaling ten goede komt én nog veiliger is ook. Tot slot daal je met die dropper beter, sneller en veiliger. Tel al die gratis watts bij elkaar op en je zult zien dat je met die goede uitrusting en instelling daarvan verder komt. Buiten dat: je wilt als gepassioneerde biker gewoon alles op orde hebben, van je cockpit tot je remmen.


Positie op de fiets
De rit op je mountainbike begint met een goede basishouding. En die is behoorlijk dynamisch. Zodra je op de trails rijdt zul je staan, zitten en van voor en naar achteren bewegen. Zo kun je schokken opvangen, snel op de pedalen staan, grip houden in technische secties en inspelen op vrijwel iedere gebeurtenis die je voor je wielen gaat krijgen. De technisch sterke rijder zit doorgaans wat verder naar voren op de fiets, heeft de armen licht gebogen en de dropper omlaag waar nodig. De minder ervaren mountainbiker zit vaak te ver naar achter, wat resulteert in te weinig druk op het voorwiel en een statische houding die het niet toelaat om snel en optimaal te reageren en sturen. Werk dus aan een dynamische positie en betere gewichtsverdeling voor maximale performance.

Kies snelle, efficiënte lijnen
Rijd je dezelfde trail vaker, probeer dan je lijn steeds wat te optimaliseren. Welke is sneller, veiliger of zorgt voor een lager risico op lekrijden? Je hebt natuurlijk niet de luxe van de profs in de wereldbekerwedstrijden – zij gaan met hun techniektrainer in de dagen vóór de start op pad – maar door herhaling verbetert je rit aanzienlijk. Je neemt de technische obstakels gemakkelijker en kiest betere lijnen, zodat je sneller wordt en zo min mogelijk energie verspilt. Hoe je het als recreant aanpakt? Ga samen met je fietsmaat op pad en help elkaar. Gebruik je smartphone om de lijnen te filmen en te analyseren én bekijk hoe anderen het doen op de technische secties van de trail. Vergeet niet de lijnen te rijden waar je mogelijk toe gedwongen wordt zodra je in een groep rijdt.

Drops en jumps
Ga je in het buitenland mountainbiken, dan zul je al snel een parcours voor je kiezen krijgen dat flink wat technischer is dan in Nederland. Je krijgt te maken met steile secties en dubbels tot aan drops en technische features die we hier nog nauwelijks zien.


Allereerst de jumps en drops. Ze lijken op elkaar, maar het grote verschil hiertussen is dat er bij een drop geen kicker is. Je ‘valt’ dus naar beneden.
Voor een goede drop schat je allereerst in met welke snelheid je moet aanrijden. Je wilt immers niet te ver of te kort springen. Maak je klein op de fiets vlak voor je springt en houd je knieën en armen gebogen. Kom uit het zadel voordat je de drop inzet, plaats je dropper zo nodig omlaag. Zodra je los bent van de ondergrond strek je je weer uit en trek je de voorkant van de fiets licht omhoog. Laat je achterwiel een fractie eerder op de grond komen dan je voorwiel en zorg dat je je gewicht bij die landing op tijd terug naar voren verplaatst.

Tips:

  • Begin met een kleine drop en bouw langzaam op
  • Laat je remmen los voordat je de drop ingaat
  • Trek je voorwiel voldoende omhoog bij aanvang, maar overdrijf niet

Bij een sprong is het opnieuw belangrijk dat je de aanrijsnelheid juist inschat. In dit geval zorgt de kicker voor het loskomen van je wielen. Zet je pedalen in een horizontale stand en laat je sterke been naar voren wijzen. Maak je klein voor de afsprong en gebruik je lichaam om de sprong in te zetten door je weer uit te strekken. Je uitgestrekte armen en benen zorgen voor een groot absorptievermogen van de landing, die maken de klap van de landing zo klein mogelijk. 


Tips:

  • Win vertrouwen op dubbels door eerst zogenaamde rollers te rijden (hier is in het midden geen gat)
  • De juiste aanvangssnelheid is van groot belang
  • Houd je vlucht stabiel, blijf van je remmen af bij de afzet en maak geen plotse bewegingen

Technische klimmen
Je komt ze op trails ongetwijfeld tegen: steile haarspeldbochten met gladde wortels. De lijnkeuze is hier van groot belang, volg bij voorkeur een lijn die verder naar buiten loopt, om vervolgens weer naar binnen te steken. Naast die lijnkeuze zijn een goede aanvangssnelheid en bijpassende versnelling essentieel. Zo kun je de snelheid beter behouden gedurende de bocht. Het voorwiel loopt verder naar buiten, terwijl het achterwiel meer aan de binnenzijde blijft. Houd druk op de pedalen gedurende de hele bocht, zodat je geen snelheid of grip verliest. Zodra je voorwiel naar binnen ‘valt’ kun je de druk op de pedalen wat verminderen. Gedurende de hele bocht zit je dynamisch op je zadel. Dat houdt in dat je je achterwerk even van het zadel laat komen zodra er een wortel onder het achterwiel verdwijnt, wat de grip bevordert. Subtiele bewegingen maken het verschil. Oefen de moeilijkste lijn die je kunt vinden.


Tips:

  • Hoe technischer de ondergrond, hoe ‘losser’ je op je fiets moet zitten
  • Laat je dropper eventueel een centimetertje zakken
  • Kijk goed de bocht door
  • Wees subtiel met kracht zetten bij losse ondergrond

Oefening baart kunst
Je ontwikkelt een goede techniek door te oefenen. Focus je dus niet alleen op je conditie, maar maak voldoende trainingsuren om je techniek aan te scherpen. Zoek de uitdaging op. Dikke kans dat het je op den duur veel plezier en vertrouwen oplevert. Gebruik daarnaast de trainingsmogelijkheden die je hebt om te verbeteren, meten is immers weten. Je vermogensmeter kan in samenspel met je GPS waardevolle data opleveren, want zo wordt het meteen duidelijk hoeveel je wint of verliest door een andere lijn te volgen. En tot slot: overweeg eens om een trainer in de armen te nemen.