Je kunt een racefiets geschikter maken voor gravel door vier onderdelen aan te passen: bredere banden met profiel, een breder (flared) stuur, een lichter verzet en MTB-pedalen met bijpassende schoenen. De banden maken het grootste verschil. Hoeveel bandenruimte je frame heeft en waarvoor de fabrikant je fiets heeft bedoeld, bepalen hoe ver je kunt gaan. In deze blog lees je per stap wat je nodig hebt, waar je op moet letten en wanneer een echte gravelbike de veiligere en slimmere keuze is. Ik heb het zelf uitgeprobeerd. Op mijn Cube Attain SLX (2025), een aluminium racefiets met carbon vork, Shimano 105 en schijfremmen, heb ik gravelbanden gelegd en de wielen tubeless gemaakt. Na één koude, natte zaterdagochtend in het bos was ik verkocht. Lees hieronder hoe dat ging.
Let op voordat je begint!
Niet elke racefiets is gemaakt voor onverhard terrein. Veel fabrikanten geven hun racefietsen alleen vrij voor verharde wegen, en off-road gebruik of aanpassingen kunnen gevolgen hebben voor je garantie. Houd er ook rekening mee dat gravelrijden meer vraagt van je fiets. Opspattende steentjes, zand en grind kunnen lakschade veroorzaken aan je frame en vork. Daarnaast slijten onderdelen sneller door zand, modder en vocht, zoals je ketting, cassette, kettingbladen, remblokken, remschijven en lagers. Lakschade en slijtage door gebruik vallen doorgaans niet onder de garantie. Maak je fiets daarom na elke rit schoon, smeer je ketting regelmatig en controleer je onderdelen vaker op slijtage. Controleer daarnaast altijd eerst de handleiding en specificaties van je fiets. Twijfel je over een stap, laat het dan door een fietsenmaker doen. Deze blog is bedoeld als inspiratie en algemene informatie, niet als montagehandleiding. Lees de volledige disclaimer onderaan.
Wat is het verschil tussen een racefiets en een gravelbike?
Een gravelbike lijkt op een racefiets, maar is gebouwd voor wisselende ondergronden. De belangrijkste verschillen:
- Een gravelbike heeft bredere banden met profiel (meestal 38–45 mm tegenover 25–32 mm)
- Een gravelbike heeft een breder stuur met flare
- Een gravelbike heeft een lichter verzet
- Een gravelbike gebruikt MTB-pedalen en gravelschoenen
Daarnaast heeft een gravelbike vaak een langere wielbasis, een rechtere zithouding en een frame en vork die zijn ontworpen en getest voor zwaardere belasting op onverhard. Die geometrie en constructie kun je niet veranderen. De vier punten hierboven wel, en daar zit de ombouw.
Check eerst: waarvoor is jouw racefiets bedoeld?
Fabrikanten geven in de handleiding aan voor welk gebruik een fiets is ontworpen. Vaak gebeurt dat met een gebruikscategorie (zoals de ASTM-condities 1 tot en met 5). Veel racefietsen vallen in de laagste categorie: alleen verharde wegen. Rijd je zo’n fiets toch op grind of bospaden, dan gebruik je hem buiten het bedoelde gebruik. Dat kan gevolgen hebben voor de veiligheid en voor je garantie.
- Zoek in de handleiding of op de website van je fabrikant naar het bedoelde gebruik van jouw model.
- Check de garantievoorwaarden: sommige merken sluiten schade door off-road gebruik of door aanpassingen uit.
- Endurance- en allroad-racefietsen zijn soms wél vrijgegeven voor lichte onverharde paden. Vraag het bij twijfel na bij de fabrikant of je dealer.
1. Gravelbanden op je racefiets: de belangrijkste aanpassing
Als er één aanpassing het verschil maakt, dan zijn het je banden. Smalle, gladde racebanden zijn gemaakt voor asfalt en bieden op grind, zand en bospaden weinig grip en comfort.
- Waarom bredere banden? Een bredere band rijd je op een lagere spanning. Het contactoppervlak wordt groter, wat meer grip geeft op los zand, grind en modder. Het grotere luchtvolume vangt bovendien trillingen op.
- Welke bandenmaat past? Dat bepaalt je frame, en de fabrikant is hierin leidend. Zoek in de specificaties de maximale bandenbreedte van je frame én vork en ga daar nooit overheen, ook niet als er in de praktijk meer lijkt te passen. Oudere racefietsen met velgremmen houden vaak op bij 25 of 28 mm, moderne racefietsen met schijfremmen gaan vaak tot 30 à 32 mm.
- Meet ook zelf na: controleer de ruimte bij de voorvork, de liggende achtervork (chainstays) en de zittende achtervork. Houd rondom minimaal zo’n 4 mm vrij, zodat modder en steentjes niet tussen band en frame blijven hangen. Een band die tegen het frame of de vork loopt, kan je frame beschadigen en het wiel blokkeren.
- Let op je velgbreedte: op een bredere velg valt een band breder uit dan de maat op de zijkant. Een 30 mm band kan op een moderne velg 31–32 mm meten. Meet na het oppompen dus altijd na. Controleer ook of de band volgens de bandenfabrikant past bij de binnenbreedte van je velg.
- Kies een licht profiel: voor Nederlandse gravelroutes (veel fietspad, schelpenpaden en droge bospaden) werkt een band met een glad middenprofiel en wat grip op de flanken goed.
- Tip uit de praktijk: twijfel je over de ruimte in je frame? Kies dan een gravelband in dezelfde breedte als de band die er nu op ligt. Mijn Cube Attain SLX had standaard 30 mm racebanden, dus koos ik de Michelin Power Adventure TLR in 30 mm.
- Tubeless: met een tubeless setup verklein je de kans op stootlekken (snakebites), en kleine gaatjes worden door de dichtingsmelk vaak gedicht. Je kunt bovendien met een lagere bandenspanning rijden. Hieronder lees je hoe je je banden tubeless maakt.
Bandenspanning: de juiste spanning hangt af van je gewicht, de bandbreedte, je velg en de ondergrond. Houd je altijd aan de minimale en maximale druk die op je band staat én die je velgfabrikant opgeeft. De laagste van de twee maximumwaarden is leidend. Rijd je op hookless velgen? Dan geldt meestal een maximum van 5 bar (72,5 psi) en mag je alleen banden gebruiken die de bandenfabrikant daarvoor heeft goedgekeurd. Begin aan de hoge kant van het toegestane bereik en zoek van daaruit wat voor jou prettig voelt. Ter referentie: ik weeg 86 kilo en reed met 4,5 bar in mijn 30 mm banden. Dat is mijn situatie en geen advies voor jouw fiets.
Zo maak je je banden tubeless in 6 stappen
Voor tubeless heb je een tubeless velglint, tubeless ventielen en sealant nodig. Voorwaarde is dat zowel je velg als je band tubeless ready zijn: herken dit aan de aanduiding TLR, TL of Tubeless Ready op de band en in de specificaties van je wielen. Is je velg niet tubeless ready, maak hem dan niet tubeless: de band kan dan van de velg lopen. Volg bij verschil altijd de handleiding van je wielen en banden boven dit stappenplan.
Dit heb je nodig:
- Tubeless velglint: sluit de spaakgaten luchtdicht af. Kies een breedte die past bij de binnenbreedte van je velg. Het XAND Tubeless Velglint is zelfklevend en zit op een rol van 10 meter.
- Tubeless ventielen: kies de lengte op basis van je velghoogte; het ventiel moet zo’n 15 tot 20 mm boven de velg uitsteken. De XAND Tubeless Ventielen zijn er in 44, 60 en 80 mm.
- Tubeless sealant: sluit kiertjes tussen band en velg af en dicht onderweg kleine gaatjes. De EARTHLAB Tubeless Sealant is plantaardig en biologisch afbreekbaar. Check of de sealant geschikt is voor je band en velg.
- Gereedschap: bandenlichters, een vloerpomp en eventueel een tubeless pomp met luchtreservoir, zoals de Xand Booster Vloerpomp.
Stappenplan:
- Velg schoonmaken: verwijder de oude band, binnenband en het gewone velglint. Maak het velgbed vet- en stofvrij met (isopropyl)alcohol.
- Velglint aanbrengen: begin een paar spaakgaten vóór het ventielgat en plak het lint strak en gecentreerd. Laat het einde zo’n 10 cm overlappen. Voorkom luchtbellen en plooien.
- Ventiel plaatsen: prik voorzichtig een gaatje in het lint ter hoogte van het ventielgat, steek het ventiel erdoor en draai de borgmoer handvast aan.
- Band monteren: leg de band met één kant op de velg en de andere kant voor het grootste deel. Duw de hielen in het diepe midden van het velgbed voor speling.
- Sealant toevoegen: giet de sealant in de band vóór het laatste stuk, of spuit hem via het ventiel in (ventielkern eruit). Houd de hoeveelheid aan die de sealantfabrikant aangeeft; voor een 28–32 mm band is dat vaak 40–60 ml.
- Oppompen en verdelen: pomp de band op tot je de hielen hoort ‘ploppen’. Ga hierbij nooit boven de maximale druk van band of velg. Draai en schud het wiel zodat de sealant zich verdeelt. Laat het wiel een nacht liggen, controleer daarna de druk en of de band overal gelijkmatig in de velg zit.
Controleer vóór elke rit of de band goed in de velg zit en op spanning is. Sealant droogt in: check elke 2 tot 3 maanden of er nog genoeg in zit. Komt de band niet goed in de velg, of verliest hij steeds lucht? Rijd dan niet en laat het nakijken door een fietsenmaker. Meer weten? Lees ons artikel tubeless banden vervangen en repareren.
Getest: mijn Cube Attain SLX met gravelbanden in het bos
Dit is een persoonlijke praktijktest op één fiets, met één set onderdelen, door één rijder. De resultaten zeggen niets over hoe jouw fiets of onderdelen zich gedragen.
Ik testte het op mijn eigen Cube Attain SLX (2025), met de Michelin Power Adventure TLR in 30 mm, dezelfde breedte als de originele banden.
De ombouw
Eerst heb ik het XAND Tubeless Velglint aangebracht en de XAND Tubeless Ventielen in 44 mm geplaatst. Daarna heb ik de banden gemonteerd en per band ongeveer 60 ml EARTHLAB Tubeless Sealant toegevoegd. Bij mij was een gewone vloerpomp genoeg om de banden in de velg te laten springen. Daarna heb ik ze op 4,5 bar gezet, binnen de toegestane druk van mijn band en velg.

De testrit
Op een koude zaterdagochtend reed ik naar het bos. Het had de dag ervoor geregend. Een deel van de route liep over verharde boswegen vol eikels en natte bladeren. Ik merkte direct dat ik meer grip had dan met mijn racebanden, en voelde me zekerder in de bochten. Blijf op nat blad en losse ondergrond wel altijd rustig en voorzichtig rijden: grip blijft beperkt.
In los zand bleef de grip redelijk, maar je merkt duidelijk de grens. In diep, mul zand heb je met 30 mm te weinig draagvlak en begint het voorwiel te zwemmen. Op gravelpaden met grind en aangestampt zand reed de fiets vlot, stabiel en comfortabel.
Eerlijk is eerlijk: op asfalt ging ik merkbaar minder snel dan met mijn racebanden. Rijd je vooral op de weg, houd daar dan rekening mee.
Mijn conclusie
Ik ben verliefd geworden op gravelen. Je moet beter sturen en opletten, en dat maakt het juist leuk. Voor wie wil ontdekken of gravel iets voor hem of haar is, vind ik gravelbanden op een racefiets een betaalbare eerste stap, mits je fiets daarvoor geschikt is.
| Fiets | Cube Attain SLX (2025): aluminium frame, carbon vork, Shimano 105 2×12, hydraulische schijfremmen |
|---|---|
| Band | Michelin Power Adventure TLR, 700 x 30C (zelfde breedte als de standaard racebanden) |
| Tubeless | XAND Tubeless Velglint, XAND Tubeless Ventielen 44 mm, ca. 60 ml EARTHLAB Tubeless Sealant per band |
| Bandenspanning | 4,5 bar (rijdergewicht 86 kg), binnen de limieten van band en velg |
| Ondergrond | Natte boswegen met eikels en bladeren, los zand, gravelpaden |
| Pluspunten | Meer grip op nat blad en eikels, prettig op grind en aangestampt zand, tubeless montage ging vlot |
| Minpunten | In diep, mul zand loopt een 30 mm band tegen zijn grens aan; op asfalt merkbaar minder snel |
2. Meer controle met een gravelstuur en dikker stuurlint
Op onverhard terrein is controle over je fiets essentieel. Een standaard racestuur is smal en ontworpen voor een aerodynamische houding; op gravel heb je meer aan stabiliteit.
- Het gravelstuur: kenmerkend is de ‘flare’: de onderkant van de beugel staat naar buiten, waardoor het stuur onderin breder is. Een flare van 12 tot 20 graden is gangbaar voor allround gravel.
- Breedte en houding: kies een stuur dat bovenop ongeveer even breed is als je huidige stuur of 2 cm breder. Een kortere reach en drop (bijvoorbeeld 65–75 mm reach) geeft een ontspannener houding.
- Compatibiliteit: controleer of het stuur past bij je stuurpen (klemdiameter, meestal 31,8 mm) en of het geschikt is voor jouw gebruik. Bij volledig geïntegreerde kabelgeleiding of een stuur-stuurpencombinatie zijn je opties beperkt.
- Laat de montage bij voorkeur door een fietsenmaker doen: bij een stuurwissel moeten de remgrepen worden verplaatst. Bij hydraulische schijfremmen moeten de leidingen soms worden ingekort en opnieuw ontlucht. Fouten aan je stuur of remmen kunnen leiden tot een val. Doe je het toch zelf, gebruik dan een momentsleutel en houd je aan de aanhaalmomenten van de fabrikant, zeker bij carbon onderdelen.
- Stuurlint: kies een dikker, grijpvast stuurlint van 3 mm of meer, of wikkel dubbel. Dat dempt trillingen.
3. Een lichter verzet voor korte, steile klimmetjes
Op losse ondergrond verlies je grip als je te zwaar trapt. De kans is groot dat je huidige racecassette daarvoor te ‘zwaar’ is.
- Een grotere cassette: de eenvoudigste oplossing is een cassette met een groter bereik, zoals 11-32 of 11-34. Of je derailleur dat aankan, hangt af van het model en de kooilengte. Controleer altijd de maximale tandwielgrootte en capaciteit in de specificaties van jouw derailleur. Een te grote cassette kan de derailleur in de spaken laten lopen.
- Vergeet je ketting niet: bij een grotere cassette heb je meestal een langere ketting nodig, op de juiste lengte en compatibel met je aandrijving.
- Kleinere kettingbladen: rijd je met een 53/39-crankstel? Dan levert een compact (50/34) of subcompact crankstel (bijvoorbeeld 48/31) een veel lichter verzet op. Check wel of het crankstel past bij je bracket, voorderailleur en frame.
- Twijfel je over compatibiliteit of afstelling? Laat je aandrijving afstellen door een fietsenmaker. Een slecht afgestelde ketting of derailleur kan tijdens het rijden blokkeren.

4. MTB-pedalen en gravelschoenen: makkelijker in- en uitklikken
Racepedalen (zoals Shimano SPD-SL of Look Kéo) zijn minder praktisch als je door modder loopt, vaak afstapt of snel moet in- en uitklikken.
- MTB-pedalen voor gravel: stap over op tweegaats pedalen, zoals Shimano SPD. Ze zijn dubbelzijdig en voeren modder beter af.
- Gravelschoenen: bij SPD-pedalen horen schoenen met een tweegaats bevestiging. Het schoenplaatje ligt verzonken in een zool met profiel, zodat je normaal kunt lopen.
- Oefen eerst: nieuwe pedalen klikken anders in en uit. Oefen op een rustige plek voordat je het terrein in gaat, en stel de uitklikspanning af volgens de handleiding.
Extra tip: bescherm je frame tegen steenslag
Op grind en schelpenpaden schieten steentjes en zand tegen je frame. De lak op de onderbuis, de liggende achtervork en de binnenkant van de vork raakt dan snel beschadigd.
- Waar plak je framefolie? Op de onderkant van de onderbuis, de liggende achtervork aan de kettingkant, de binnenkant van de vorkpoten en plekken waar kabels of tassen schuren.
- Zo breng je het aan: maak het frame schoon en vetvrij, knip de folie op maat met afgeronde hoeken en strijk hem van het midden naar buiten glad.
De XAND Frame Beschermfolie is transparant, UV-bestendig en verkleurt niet in de zon.
Let op bij carbon: framefolie beschermt de lak, maar maakt je frame niet sterker. Heeft je carbon frame of vork een flinke klap gehad, door een val of een steen, of zie je een scheur of diepe kras? Stop dan met rijden en laat het door je dealer of een carbonspecialist controleren. Schade aan carbon is van buiten vaak niet goed te zien.
Wanneer kun je beter een gravelbike kopen?
Ombouwen is een duurzame manier om met gravelen te beginnen, maar het heeft grenzen. Een echte gravelbike is waarschijnlijk de betere en veiligere keuze als:
- je fabrikant je racefiets alleen vrijgeeft voor verharde wegen. Dan gebruik je hem off-road buiten het bedoelde gebruik.
- je frame maximaal 25–28 mm banden toelaat, zoals bij veel oudere racefietsen met velgremmen.
- je regelmatig zwaar terrein wilt rijden, zoals mul zand, modderige bospaden of wortels. Daarvoor heb je 38 mm of breder nodig, en een frame dat daarvoor is gebouwd.
- je wilt bikepacken en tassen, bidonhouders of spatborden wilt monteren.
- de optelsom van onderdelen hoog wordt. Vergelijk dat bedrag eerlijk met een instap-gravelbike.
Wil je vooral af en toe van het asfalt af en is je fiets daarvoor geschikt? Dan is ombouwen een prima start. Trek je steeds vaker de bossen in, dan is een gravelbike de investering waard.
Checklist: racefiets ombouwen tot gravelfiets
| Aanpassing | Impact op gravel | Moeilijkheid | Waar op letten |
|---|---|---|---|
| Bedoeld gebruik en garantie checken | Voorwaarde | Makkelijk | Handleiding en garantievoorwaarden van je fiets |
| Bredere banden (28–35 mm) | Zeer groot | Makkelijk | Max. bandenbreedte fabrikant, min. 4 mm speling, velgbreedte |
| Tubeless (velglint, ventielen, sealant) | Groot | Gemiddeld | Tubeless ready velg en band, max. druk band en velg (hookless!) |
| Gravelstuur + stuurlint | Groot | Fietsenmaker aanbevolen | Klemdiameter, remleidingen, aanhaalmomenten |
| Grotere cassette / kleiner crankstel | Groot op klimmetjes | Fietsenmaker aanbevolen | Max. tandwiel derailleur, kettinglengte, compatibiliteit |
| MTB-pedalen + gravelschoenen | Gemiddeld | Makkelijk | Tweegaats SPD-plaatjes, eerst oefenen |
| Framebeschermfolie | Klein (beschermt de lak) | Makkelijk | Onderbuis, liggende achtervork, binnenkant vork |
Klaar voor het avontuur!
Met deze aanpassingen maak je je racefiets geschikter voor onverhard, binnen de grenzen van je frame. Mijn advies: check eerst of je fiets ervoor bedoeld is, en begin dan met de banden. Bij mijn Cube Attain SLX waren gravelbanden en een tubeless setup genoeg om het bos in te kunnen. Kijk vanuit daar welke upgrades voor jou zinvol zijn, en schakel een fietsenmaker in voor alles wat met remmen, stuur en aandrijving te maken heeft.

Veelgestelde vragen over een racefiets ombouwen tot gravelfiets
Kun je gravelbanden op een racefiets leggen?
Vaak wel, als je frame en vork genoeg ruimte bieden en je fabrikant de fiets geschikt vindt voor lichte onverharde paden. Op veel moderne racefietsen met schijfremmen passen banden van 30 tot 32 mm met een licht profiel. Houd je aan de maximale bandenbreedte van de fabrikant en houd rondom minimaal 4 mm speling.
Vervalt mijn garantie als ik mijn racefiets ombouw?
Dat hangt af van de fabrikant. Sommige merken geven racefietsen alleen vrij voor verharde wegen en sluiten schade door off-road gebruik of door aanpassingen uit van de garantie. Lees daarom de garantievoorwaarden en de handleiding van je fiets, of vraag het na bij je dealer of de fabrikant voordat je begint.
Wat is de breedste band die op een racefiets past?
Dat verschilt per frame; de opgave van de fabrikant is leidend. Oudere racefietsen met velgremmen houden vaak op bij 25–28 mm, moderne racefietsen met schijfremmen bij 30–32 mm en endurance-racefietsen soms bij 35 mm. Een gravelbike biedt doorgaans ruimte voor 40 tot 45 mm.
Hoe maak je een racefietsband tubeless?
Je hebt een tubeless ready velg en band nodig, plus tubeless velglint, tubeless ventielen en sealant. Plak het lint over de spaakgaten, plaats het ventiel, monteer de band, voeg sealant toe en pomp op tot de hielen in de velgrand ploppen, zonder de maximale druk van band en velg te overschrijden. Bekijk het volledige stappenplan.
Welke bandenspanning gebruik je voor gravelbanden op een racefiets?
Dat hangt af van je gewicht, bandbreedte, velg en ondergrond. Blijf altijd binnen de minimale en maximale druk van je band én velg; bij hookless velgen is het maximum meestal 5 bar. Ik weeg 86 kilo en reed met 4,5 bar op 30 mm banden, maar dat is geen advies voor jouw situatie.
Is een racefiets ombouwen goedkoper dan een gravelbike kopen?
Alleen nieuwe banden en stuurlint is een kleine investering. Vervang je ook stuur, cassette, ketting, crankstel, pedalen en schoenen, dan loopt het bedrag flink op. Ga je vaak en zwaar gravelen, dan is een gravelbike op termijn de betere keuze.
Wat is het verschil tussen een gravelbike en een racefiets?
Een gravelbike heeft bredere banden met profiel, een breder stuur met flare, een lichter verzet, meer bandenruimte en een stabielere geometrie. Het frame is bovendien gebouwd voor onverhard. Een racefiets is lichter en sneller op asfalt.
Kan ik mijn racepedalen houden voor gravel?
Dat kan, maar het is minder praktisch. Racepedalen zijn eenzijdig, raken sneller verstopt door modder en lopen is lastig. MTB-pedalen (SPD) met gravelschoenen zijn op onverhard prettiger.
Disclaimer
De informatie in deze blog is bedoeld als algemene informatie en inspiratie. Het is geen technisch advies voor jouw specifieke fiets en geen vervanging van de handleiding, specificaties of instructies van de fabrikant van je fiets, wielen, banden en onderdelen. Bij verschillen gaan de instructies van de fabrikant altijd voor.
De ervaringen in dit artikel zijn persoonlijk en gebaseerd op één fiets met één set onderdelen. Andere fietsen, onderdelen, rijders en omstandigheden kunnen tot andere resultaten leiden.
Niet elke racefiets is geschikt voor gebruik op onverhard terrein. Gebruik buiten het door de fabrikant bedoelde gebruik, en het aanpassen of vervangen van onderdelen, kan de veiligheid van je fiets beïnvloeden en kan gevolgen hebben voor de fabrieksgarantie. Controleer dit vooraf bij de fabrikant of je dealer.
Het monteren, aanpassen en afstellen van onderdelen doe je op eigen risico en onder eigen verantwoordelijkheid. Werkzaamheden aan remmen, stuur, stuurpen, aandrijving en carbon onderdelen laat je bij voorkeur uitvoeren door een erkende fietsenmaker. Controleer je fiets vóór elke rit.
FuturumShop.com B.V. heeft deze blog met zorg samengesteld, maar kan niet garanderen dat de informatie volledig en foutloos is en op elke situatie van toepassing is. Voor zover wettelijk toegestaan aanvaardt FuturumShop geen aansprakelijkheid voor schade aan fiets, onderdelen of personen die ontstaat door het toepassen van de informatie uit deze blog. Je wettelijke rechten als consument, waaronder die op grond van de wettelijke garantie, blijven onverminderd van kracht. Op aankopen bij FuturumShop zijn onze algemene voorwaarden van toepassing.
Vragen over jouw fiets of de juiste onderdelen? Neem contact op met onze klantenservice of met de fabrikant van je fiets.